
(Bijdrage Muck van der Kroft, John Papenhuyzen en Ad Rommen) en extra foto's van Erik Moen (passagier en zoon van de toenmalige HWTK )

Op 18 september 1957 vertrok het
ms. TJIBANTJET uit de haven van Moji (Japan) met 4000 ton verschillende
soorten lading, bestemming Hong Kong, 1169 zeemijlen via Straat Formosa.
De diepgang bij vertrek was voor 17' 09" en achter 22' 06" (resp.
5.41 en 6.86 meter).
De bemanning bestond, inclusief de gezagvoerder, uit 74 personen (60
Chinezen en veertien Nederlanders).Tevens zes passagiers waaronder de
echtgenote van de gezagvoerder en de echtgenote en het zoontje Erik van
de hoofdwerktuigkundige, Emiel Moen.
Gedurende de reis werd er door de marconist een weerbericht van Hong
Kong ontvangen dat een tropische depressie zich ten oosten van Luzon in
een taifoen, genaamd Gloria, ontwikkeld had. Om op de hoogte van de
situatie te blijven werden via verschillende stations zoveel mogelijk de
positie en richting van taifoen Gloria doorgegeven. Zowel
uurwaarnemingen als barometerstanden werden bijgehouden.
Op 21 september te 23:36 u. werd nabij Kai Tai Ha, bij de ingang van
Junk Bay, de loods aan boord genomen die waarschuwde dat de haven vol
met schepen lag. Besloten werd zonder loods in Junk Bay ten anker te
gaan. Te 23:53 u. werd het SB anker gepresenteerd met acht sluitingen te
water (117m) Er werd zeewacht doorgelopen met de machinekamer op een uur
notice.
Op 22 september te 04:00 u. nam de eerste stuurman de wacht van de
tweede stuurman over.
Om 04:45 u. kwam de kapitein op de brug en het bakboordsanker werd
afgevierd met één sluiting te water. Tevens werden de luchtkokers van
het voorschip gehaald. De kapitein bleef op de brug.
In de loop van de middag nam de wind in hevigheid toe en omstreeks 17:00
u. tot orkaankracht typhoon signal 3, windkracht 177-208 km/u. (Beaufort
Schaal 12) met hoge vloed van + 2.6 tot + 3.7 meter en een luchtdruk
variabel 964-945 hPa.
De eerste stuurman, de derde stuurman, bootsman en timmerman waren op de
bak. De bootsman ging een duikersbril ophalen om de ogen te beschermen
wanneer over de verschansing gekeken moest worden om de stand van de
ankerkettingen door te geven. Het zicht was slecht door de zeer
zware regenbuien.
Men merkte aan de uitlaat van de schoorsteen dat er gemanoeuvreerd werd.
De ankerkettingen stonden dan over bakboord dan weer over stuurboord.
De ankers gingen krabben, men zag dat het schip zeer snel de rots
naderde en dat machinekamermanoeuvres niet konden verhinderen dat de BB
kant van het schip omstreeks 18:47 u. de rots raakte; de eerste stoten
werden gevoeld en men had moeite om op de been te blijven. De brug zat
dicht tegen de rots gedrukt.

De TJIBANTJET on de rotsen bii Devil's Peak
De eerste stuurman kreeg
toestemming van de kapitein om naar de passagiers te gaan kijken, hij
hielp hen naar boven en zag dat zij de zwemvesten om hadden en ging
daarna de Chinese bemanning controleren of ook zij de zwemvesten
droegen.
De marconist was om 18:30 u. Hong Kong tijd aan tafel gegaan toen hij
plotseling door de ramen van de messroom de rotsige kust snel naast het
schip te voorschijn zag komen. Hij sprong op om naar de radiohut te gaan
toen er al van boven geschreeuwd werd — "Sparks ... SOS".
Hij heeft toen de hoofdzender
bijgezet en het alarmsignaal uitgezonden. Het was toen 09:45 of 09:46
GMT op de stationsklok.
Direct nadat het alarmsignaal uitgezonden was stootte het schip hevig en
brak de hoofdantenne. Toen werd de hoofdzender op de noodantenne
afgestemd - zover afstemmen mogelijk was - want later bleek dat een stuk
hoofdantenne en het knikstag met de richtingzoeker sense antenne over de
antennekoker in het water lag en er van de noodantenne dus bijna geen
straling meer plaatsvond. Toch heeft de marconist nog het grootste
gedeelte van het noodbericht op de hoofdzender kunnen uitzenden terwijl
het schip met enorme dreunen op de rotsen beukte en hevig slingerde,
waardoor hij verschillende malen onderuit ging en het noodbericht
onderbroken werd. Het licht viel uit doordat de machinekamer volliep en
de generatoren uitvielen. De netspanning op de zender viel eveneens weg,
maar de noodomvormer was zeer snel gestart zodat de hoofdzender nog
gebruikt kon worden.
Plotseling sloegen vonken uit de zender en was het afgelopen met de 4-U
Midden Golf Zender. De marconist is toen op de noodzender overgegaan en
heeft verder het noodverkeer daarmee afgewerkt.
De noodgenerator heeft slechts kort kunnen draaien onder 38 graden
helling over bakboord en liet het vermoedelijk afweten op te lage
smeeroliedruk. Later is deze noodgenerator horizontaal geplaatst en
heeft nog menig draaiuurtje gemaakt.
Het was een chaos in de radiohut geworden; boekwerken, stoelen en
onderdelen lagen aan de lage kant in het water, dat door de ramen en
vanuit de gang door diverse scheuren in het bovendek naar binnen kwam.
In het begin van het noodgeval werden reeds enige telegrammen
uitgezonden betreffende de toestand, later werden telegrammen ontvangen
dat ieder uur de algemene toestand en de slagzij naar de maatschappij
gezonden moest worden.
Aldus werd gedaan, via de MYONIA, een Shell tanker onder Nederlandse
vlag, die vlak bij om de hoek van Lyemun ten anker lag en de
uitzendingen wel hoorde en waar de marconist de gehele nacht stand-by
bleef om het noodverkeer door te zenden.
Tegen de ochtend, omstreeks zes uur, lag het schip praktisch stil en
lukte het de marconist om vanaf het schavotje het knikstag met
aanhangsels en het stuk hoofdantenne van de antennekoker te krijgen,
waardoor weer rechtstreeks met Hong Kong Radio gewerkt kon werken.
Ten anker liggend in de Junk Bay
nam de vijfde wtk de wacht 's nachts te vier uur over in de machine
kamer. Dit was een normale stille wacht, waarin geen bijzonderheden
voorkwamen. Wegens taifoengevaar moest de motor op temperatuur gehouden
worden omdat ieder ogenblik manoeuvreren gegeven kon worden.
Om acht uur in de ochtend werd de wacht overgegeven met geen bijzondere
vermeldingen en nog steeds een uur notice.
Te 16:00 u. werd de wacht overgenomen door de tweede en vijfde wtk daar
nu de zeewacht ingepikt was. Te ongeveer 16:20 u. werd de eerste
manoeuvre gegeven. Alle manoeuvres kwamen overeen, zowel opgetekend in
het wachtboekje op de brug als in de machinekamer. Op verzoek van de
brug werd omstreeks 16:30 u. begonnen met het opvullen van de stuurboord
en bakboord nummer 2 tanks. Er werden nu manoeuvres gegeven tot 18:45 u.
Afwisselend zeer langzaam en stop. De laatste manoeuvre was Stop. Het
schip maakte constante flinke halen over stuurboord en bakboord. Vanaf
de brug werd opgebeld om stuurboord en bakboord dieptanks op te vullen,
alleen de achterste dieptanks.
Terwijl hier voorbereidingen voor werden getroffen, werden de eerste
schokken gevoeld. De brug belde op om eerst de dieptank stuurboord
achter op te vullen. De hoofdwerktuigkundige was ondertussen naar boven
gegaan om polshoogte te nemen. De vijfde wtk was in de tunnel gegaan om
de afsluiter van de dieptank stuurboord achter te openen. De tweede wtk
zette de pomp al bij en opende de combinatie afsluiters in de
machinekamer.
De ballastpomp stond ook nog steeds bij, waar de beide nummer 2 tanks
mee werden opgevuld. Het schip stootte en slingerde geweldig. Toen de
vijfde wtk voor de hoofdmotor langs liep zag hij het zeewater hoog boven
de plaat spuiten, door een lek nabij de hoge zee inlaat. De machinekamer
maakte snel water en omstreeks 18:50 u. viel het licht uit en stopten de
generatoren.
De tweede en vijfde wtk zijn toen naar boven gegaan.
Boven werd nog de afsluiter van de bakboord dagtank gesloten waar
dieselolie in zat en daarna hebben beide wtk's zich in veiligheid
gebracht. De vijfde wtk is daarna nog tot nabij de nooddynamokamer
gegaan maar moest toen opklimmen tot op het kapiteinsdek, omdat het
water tot de ingang van de nooddynamokamer sloeg. Om 18:55 u. kregen de
wtk's de nooddynamo aan de praat. Er werd wacht gehouden bij deze dynamo
door een leerling wtk die hangend in de deuropening, met de trap naar
het brugdek voor zijn neus, zich daar goed aan kon vast houden.
De olie uit de dynamo motor spoot of en toe uit de peilpijp zo scheef
lag het schip.
Het moment dat taifoen Gloria ons
bereikte was tijdens het diner. Degenen die niet op wacht waren zaten in
de messroom, maar toen het schip stootte werden allen in de hoek van de
eetzaal geworpen waar de inhoud van de boekenkast over hen heen viel.
Ook was er tegelijkertijd water naar binnen gedrongen in de eetzaal.
De sloep, die parallel met de nooddynamo kamer hing, was ook zo maar
weg. Eerst brak de voorste talie, de sloep beukte tegen de nooddynamo
kamer en toen brak ook de achterste talie en zag men de sloep nog over
de rotsen ver boven het hoofd verdwijnen. De sloep lag ondersteboven. Zo
werd deze ook later op een strandje teruggevonden.
Uiteindelijk stond bijna iedereen op de SB brugvleugel en zagen zij hoe
de golven over het voor- en achterschip overkwamen totdat de deining en
windkracht afnamen. Er was nergens paniek.
Het schip slingerde nog steeds. Omstreeks 23:00 u., toen het schip vrij
rustig lag en langzaam bewoog, werd er op maandagochtend om rond 01:00
u. een verbinding gemaakt met de wal met behulp van de havenpolitie.
Via deze verbinding (een touwladder) verlieten 23 mensen het schip. De
volgende morgen rond 11:00 u. heeft de rest van de bemanning het schip
verlaten op vijf officieren en de kapitein na. Waaronder de tweede
stuurman, de vierde stuurman, de marconist, de tweede wtk en een vijfde
wtk.
Deze taifoen raasde voor veertien
uren en onder bovengenoemde waarden over Hong Kong en de South China Sea.
In de bovenbouw, o.a in de kapiteins hut, werden horizontale plankieren
aangebracht om het de wachtdoende officieren het verblijf op het
gestrande schip zo aangenaam mogelijk te maken.
De duikers die de volgende dag de bodem inspecteerden, zagen dat de BB
kant van de bodem op een richel rustte. Dat was een groot geluk, als dat
niet het geval was geweest, was er grote kans dat het schip met man en
muis was vergaan.
Het thuisfront hoorde via de nieuwsberichten op de radio van de
stranding. Op 23 september kregen zij van het Amsterdam kantoor de
schriftelijke mededeling dat er geen gevaar voor de opvarenden aanwezig
was.
De postzegel op de schoorsteen moest zo snel mogelijk zwart geschilderd
worden dit om negatieve reclame te voorkomen.

Het schip was gestrand in Junk Bay, juiste positie 22° 17' 30" N,114° 14' 30" 0, ten ZZO op de uitlopers van Devil's Peak, met de engte Lyemun Pass nabij.
Devil's Peak was blijkbaar tijdens WO2 gebruikt als verdedigingsbolwerk, te zien aan de nog aanwezige betonnen gebouwtjes en een gangenstelsel in de heuvel. Achter deze Devil's Peak ligt Lyemun village, een visserplaatsje, nu een trekpleister voor toeristen, met topkwaliteit vis en schelpdieren, toentertijd was het nauwelijks bewoond en werden er Chow-Chow honden (blauwtongen) gefokt als lekkernij voor de Hong Kong restaurants.

Op 6 mei 1958 is het schip vlot getrokken, op een oor en iets rechter (van 38 graden naar 28 graden slagzij) weggesleept.

De kapot geslagen BB sloep werd ook teruggevonden op de flanken van deze
heuvel.
Op 20 juni 1958 in Dock 1 wordt de
Tjibantjet bij de HKG & Whampoa Dock Co
Ltd afgeleverd, die samen met Taikoo Dockyard & Engineering Co Ltd de
reparatieklus gingen klaren.
Het schip heeft slechts 31 dagen droog gelegen en in die tijd heeft men
alle buitenreparaties volbracht, er werd o.a. 650 ton staal aangebracht.

Tjibantjet komt aan in het droogdok. Let ook op de zwart
geschilderde postzegel!
Op 12 en 13 mei 1959 werd de technische proeftocht gehouden en op 19 mei 1959 vertrok het schip van Hongkong voor haar eerste reis op de Japan- Hong Kong — Indonesië dienst. Volgens zeggen bleef het behelpen met dit schip.

Tjibantjet als Mecury River
Op 16 maart 1972 werd het schip overgedragen te Buenos Aires aan Mercury Shipping Co Ltd Panama onder de naam MERCURY RIVER. Aankomst te Kaoshiung Taiwan op 4 december 1973; aanvang sloop bij Yuh Shen Steel & Iron Works op 4 april 1974.
Het einde van een mooi schip met veel Luctor en uiteindelijk zonder Emergo.
Bemanningslijst ten tijde van de stranding:
| Gezagvoerder | C.A. Backer |
| 1e stuurman | D.C.M. van der Kroft |
| 2e stuurman | G. Keessen |
| 3e stuurman | B. Hummel |
| 4e stuurman | J.J. Duit |
| Hoofdwerktuigkundige | E.F. Moen |
| 2e werktuigkundige | J.F. Abas |
| 3e werktuigkundige | R. Mouthaan |
| 4e werktuigkundige | H. Noort |
| 5e werktuigkundige | T. Kwak |
| 5e werktuigkundige | A.L.G. Rommen |
| LL werktuigkundige | L. Swiers |
| Radiotelegrafist | J.C. Papenhuyzen |
| Ch.Kok/Instructeur | G. Slaager |
This site was last updated 02/16/11